Duurzaam kamperen. We willen het allemaal best, maar soms is het op de camping gewoon een logistieke puzzel. Thuis kun je keurig je plastic, papier, GFT en restafval scheiden; maar op de camping heb je één vuilniszak en een vuilnisemmertje dat sowieso al te klein is voor twee restantjes macaroni, drie lege colablikjes en een vergeten appelklokhuis.
De oplossing lijkt simpel: dan zet je toch gewoon vier prullenbakken bij je tent? Tja. In theorie zou het kunnen. Maar aangezien het inpakken voor een kampeerder sowieso vaak al een potje tetrissen voor gevorderden is, wordt dit nog best wel een uitdaging. Want hoe prop je die extra prullenbakken dan ook nog tussen de slaapzakken, luchtbedden, de koelbox en alle kleding en zwemspullen? En los daarvan: wie heeft er nou zin om op de camping tijdelijk in een soort mini-recyclingstraat te wonen? Moet makkelijker kunnen, toch? Dacht ik ook. Hier zijn zeven tips die direct toepasbaar zijn en nauwelijks gedoe opleveren.
Geen vier prullenbakken? Geen probleem. Een praktische en ruimtebesparende oplossing is om drie lichte, opvouwbare tassen mee te nemen. Je weet wel, van die boodschappentassen die je bij de Appie, de Jumbo en de Action kunt scoren. Label ze vervolgens met plastic, papier en restafval en scheiden maar. Heb je het probleem recyclingstraat hiermee opgelost? Nee, niet helemaal. Maar als je de tassen achter de caravan of tent zet, staan ze in ieder geval niet in de weg of in het zicht. Wel even regelmatig legen ;-)
Waar hebben veel kampeerders een hekel aan? Juist: afwassen. En lui als we in onze maatschappij soms zijn geworden, sleuren we dan kilo’s wegwerpservies mee. Zonde voor je portemonnee én het milieu. Beter koop je campingservies dat langer mee gaat en tegen een stootje kan. Denk aan stevige herbruikbare borden en bekers, een RVS waterfles, Tupperware-bakjes (of een variant hierop) en een kruidenpotje dat je gewoon bijvult. Minder afval, minder irritatie, meer gemak. En geloof me, hier houd je écht een beter gevoel aan over.
Hollanders. Je ziet ze vaak van verre al aankomen. Met hun meegebrachte oventjes, afbakbroodjes, kaas, pindakaas, fruit en groente voor onderweg en uiteraard de eerste maaltijden voor op de camping. Doodzonde. Want regelmatig belandt de helft in de prullenbak omdat je tóch uit eten gaat en de boel over datum gaat. Mijn tip? Neem alleen mee wat zeker weten op gaat. En koop verder zo veel mogelijk verpakkingloze dingen bij lokale ondernemers in het dorp vlakbij de camping. Zo ondersteun je niet alleen de lokale economie (best een maatschappelijk verantwoorde gedachte, toch?), maar je haalt ook precies wat je nodig hebt én hebt minder verpakkingsmateriaal om weg te gooien. En eerlijk: het smaakt vaak ook beter.
Onder de douche merk je pas hoeveel water je gebruikt. En juist in droge, zuidelijke landen is dat waterverbruik nogal eens een probleem. Gelukkig kun je met een paar simpele aanpassingen al flink wat water besparen. Weinig gedoe, wel heel bewust.
Voedselverspilling is op de camping zó gebeurd. Plan daarom simpele maaltijden die je kunt mixen en matchen en kook precies genoeg (je fornuis is toch klein). Een ander idee is om restjes op te maken door bijvoorbeeld overgebleven groente in een omelet te verwerken of de restjes kip met wat tomaat, paprika en sla in die twee laatste wraps te stoppen. Neem verder nooit ‘voor de zekerheid’ grote voorraden mee. Want één ding weten we als kampeerder zeker: die extra voorraad belandt aan het einde van de vakantie regelrecht in de prullenbak. En last but not least: sluit halve zakken chips, nootjes of wat dan ook af met van die speciale sluitclips. Zo weet je zeker dat het vers blijft en je het niet alsnog hoeft weg te gooien.
Duurzaamheid zit ‘m vaak in kleine details.
Als je écht zonder gedoe duurzaam wilt kamperen, dan is de camping zelf misschien wel de belangrijkste factor. Sommige campings doen ontzettend veel achter de schermen; meer dan je als bezoeker in eerste instantie ziet. En het mooie is: als je daar staat, kampeer je automatisch een stuk groener zonder dat je zelf extra moeite hoeft te doen. Let bij het kiezen vooral op groene energie (zonnepanelen, groene stroom), waterbesparing (zuinige douches, regenwateropvang), duidelijke afvalpunten en natuurvriendelijke inrichting (bloemenweides, weinig bestrating). Op zo’n plek ben je bijna vanzelf duurzaam bezig. Lekker makkelijk.
Kortom: duurzaam kamperen hoeft niet ingewikkeld of streng te zijn. Het draait om slimme, praktische keuzes die nauwelijks moeite kosten en tóch een groot verschil maken. Een beter milieu begint bij je zelf, luidde ooit een slogan. En het klopt. Want als we allemaal een beetje doen – óók op de camping – maken we de wereld samen een stukje mooier.